Jezus zei: “Mijn volk, na Mijne Opstanding zijn er verschillende verslagen gegeven van Mijne verschijningen in Mijn verrijzen Lichaam. De vrouwen hebben Mijne apostelen gemeld dat het graf, waar Ik begraven was, nu leeg is. De apostelen gingen naar het graf en vonden dit zo. (Jn 20:6,7) ‘Simon Petrus kwam dus achter hem aan (Johannes), en hij ging in het graf en zag de linnen doeken daar liggen, en het zakdoek dat om Zijn hoofd was geweest, niet bij de linnen doeken liggend, maar apart gevouwen.’ Dit begrafenisdoek, dat jullie zijn komen te kennen als Het Heilige Lijkwade van Turijn, is het doek in jouw visioen. Veel mensen hebben door dit wonder van Mijn Afbeelding op deze lijkwade in Mij gegeloofd. Ik verscheen eerst aan Maria Magdalena, en zij herkende Me niet in Mijn verrijzen Lichaam totdat Ik haar naam riep, Maria. Zij meldde Mijne verschijning aan de apostelen, maar sommigen wilden haar niet geloven. Ik roep iedere persoon bij naam om te komen en in Mij te geloven. Dit is ieders keuze omdat Ik mijn liefde niemand opdring. Maar voor hen die in Mij gaan geloven, nu zult jullie het geschenk van eeuwig leven hebben.”